Animation

Ik heb de pijp helemaal leeg. Ontspannen, daar word je heel erg moe van.

Vooral als je je, zoals ik, de hele dag gedwee aan het handje laat meevoeren door die goedwillende en vast onderbetaalde jongens en meisjes die zich op deze camping met meer dan bovennatuurlijke ijver van hun taak – mij doen ontspannen – kwijten.

Animation heet het. Ik werd er voor het eerst mee geconfronteerd op de A31. In de verte zag ik de elektronische borden al hangen. Direct in de remmen natuurlijk, want ze melden minstens file en vaak nog erger. Maar de knipperende lampjes boven de snelweg beloofden dit keer dat de eerstvolgende rustplaats gratis animation zou bieden. Animation? Welwillende animeermeisjes die de vermoeide bovenarmen van de vakantiechauffeur zouden masseren? Ik was nog lang niet aan mijn kwartiertje rust toe, eigenlijk hadden we een half uur geleden nog uitgebreid getankt, geplast en gezinsbreed gekankerd op het parkeergedrag van onze landgenoten. Maar ik kon de verleiding niet weerstaan en knipperde naar rechts.

Het viel tegen. Tussen de samengepakte mpv’s en de schots en scheef geschaarde caravans ontdekten we wipkippen en klimrekken en naar urine ruikende zandbakken. Kindervermaak, gratis aangeboden door de baas van de péage.

De animation op de camping is er voor iedereen. En gratis, want ik heb er al in december grof geld voor betaald dus het hele gezin doet aan alle activiteiten mee. Pa incluis.

Inmiddels heb ik blaren op mijn duim van het boogschieten. En mijn scheenbeen lelijk opengehaald tijdens het aquajoggen, toen een al te vlijtige landgenoot iets te hard met zijn armen zwaaide. De overige animation heb ik blessurevrij doorstaan, uitputtingsverschijnselen daargelaten. Want het is best een vol programma. Aan het begin van de avond nog meegedaan met crazy dance (elke avond een infantiel dansje op steeds dezelfde liedjes zodat we de pasjes en loopjes goed onder de knie krijgen) en daarna de longen uit mijn lijf geschreeuwd bij de karaoke (We are the champions is het enige niet-Franse liedje en dat zullen ze weten ook).

Vanochtend drie uur door de bossen gestruind, onder leiding van een eentalige gids, tussen twee en drie uur net geen laatste geworden bij het familie-strandvolleybaltoernooi en om half vier stond ik alweer paraat voor de petanque-competitie.

Het is half elf. Uit de campingbar komt een verleidelijk deuntje en over de Rue de Barbecue – zo noemt mijn dochter het straatje tussen de tenten waar elke avond tussen zeven en negen een immense walm van aangebrand vlees opstijgt – lopen tientallen piekfijn uitgedoste kampeerders op weg naar de disco. Toch maar niet. Ik rits de voortent dicht en zoek mijn slaapzak op. Morgen is het weer vroeg dag. Om acht uur heb ik mijn eerste surfles en een uurtje later is het mountainbiken geblazen. En om half twaalf gaan we zelf kaas maken. Truste.