Varkenshouders willen stoppen, eindelijk kunnen stallen gesloopt worden en dan dreigt een puinoverschot. Want er is minder vraag naar steenpuin in de wegenbouw. Een vraag die gekelderd is omdat er te veel stikstof is. Wat deels weer het gevolg is van wat er in stallen rondloopt. Zo is de cirkel rond. En ook een nieuw probleem geschapen: als de sloop van een stal niet binnen een bepaalde termijn begint, kunnen boeren in Sint Anthonis fluiten naar het geld van de uitkoopregeling.
Schijnprobleem, toch?
Natuurlijk zeg je als overheid: beslis vóór dan-en-dan. Anders is de pot leeg. Maar als de boer over de streep getrokken is en als dan blijkt dat alle slopers te druk zijn en de puindepots vol liggen, dan ga je als overheid toch niet moeilijk doen over een termijn die op een vrijdagmiddag door een ambtenaar, die de jas al aanhad omdat de vrijmibo lokte, met een natte vinger is vastgesteld?
Daar komen ze wel uit. Ondertussen zien we het buitengebied in no time veranderen. Inderdaad: stallen verdwijnen. Maar er worden ook nieuwe stallen uit de grond gestampt. Joekels zijn het die qua omvang lijken te willen wedijveren met de nieuwe zuivelfabriek aan de A73.
Echt revolutionair zijn de landhuizen die verschijnen. Kasten van huizen op enorme kavels. Dat was tot voor kort niet voor te stellen. Het buitengebied was heilig. Alleen de boer mocht er wonen. Een burger werd hooguit getolereerd als die een versleten keuterboerderij opkalefaterde. Zolang de staldeur maar niet werd dichtgemetseld: het moest op een boerderij blijven lijken.
Nóg een verandering: heel veel stallen liggen te schitteren in de zon. De boer heeft de zonnecel duidelijk als extra inkomstenbron ontdekt.