Duitsers krijgen koekje van eigen deeg

Aflevering 22 van Bevrijding Stap Voor Stap

Het is koud in januari 1945. Het kwik daalt op sommige dagen tot 20 graden onder nul. En het sneeuwt dagenlang. Maar dat betekent niet dat de soldaten aan het Maasfront stilzitten.
In Grave kon je vorige week, dat was tussen 16 en 20 januari, een aantal soldaten aan het werk zien op en bij de rivier. Het waren 23 mannen van het Britse 3e Reconnaissance Regiment. Eigenlijk horen ze ten zuiden van Boxmeer langs de rivier te patrouilleren. Maar in Grave waren ze om te oefenen. Hoe vaar je met een bootje op de Maas? Hoe sluip je in een camouflagepak ongezien door de sneeuw? Ze gaan iets spannends doen.
Het is een plan van majoor Dare Wilson. De Britse officier wil een speldenprik uitdelen aan de Duitsers die zich aan de Heijense kant van de Maas hebben ingegraven. Tot nu toe zijn de Duitsers steeds met hun bootjes naar de Brabantse kant gekomen. Om te roven en te spioneren. Nu gaan de Britten hetzelfde doen: de rivier over en proberen te infiltreren in de Duitse linies.
De oversteek wordt gemaakt vanaf een plek aan de Maasoever bij Sambeek, bij de beekmonding van de Sambeekse Uitwatering. De avond van zaterdag 27 januari is uitgekozen voor de gedurfde operatie. Een bewolkte avond waarop de mannen minder snel kunnen worden ontdekt.
Om een uur of zeven stapt Wilson, samen met twee van zijn mannen, in één van de drie boten die klaarliggen aan de oever. Als hun overtocht lijkt te slagen, krijgen nog eens twee groepen van acht mannen een seintje om ook over te steken. In het achterland staat de Britse artillerie op stand by. Als het nodig is, trakteren zij de Duitsers op een granatenregen. Vanuit het hoofdkwartier op de Brakkenhof (aan de Radioweg in Sambeek) wordt de operatie via de radio geleid.
Eenmaal aan de overkant komt de patrouille, gestoken in witte camouflagepakken, goed vooruit. Ze zijn bijna de provinciale weg tussen Heijen en Afferden genaderd als ze op twee Duitse wachtposten stuiten. Die zijn compleet verrast: nooit eerder liet de vijand zich aan ‘hun’ kant van de Maas zien. De Duitsers worden gedood.
De Britten beseffen dat ze niet heel veel tijd meer hebben. De wachtposten zullen snel gemist worden. Wilson besluit terug te keren in de richting van de Maasoever. Op de terugweg stuiten de mannen opnieuw op een Duitse patrouille. Die worden gevangengenomen; één van hen raakt daarbij gewond.
De gewonde heeft een zwaar postuur en dat vertraagt de terugtocht ernstig. Maar krijgsgevangenen maken was een belangrijk doel van deze operatie. Dus ze sjouwen de gewonde toch maar mee. Als een grote Duitse patrouille nadert, besluit Wilson het gevecht aan te gaan. Ondertussen stuurt hij enkele mannen met de krijgsgevangenen naar de boten.
Het vuurgevecht is heftig. Maar dankzij de kanonnen aan Brabantse kant, wordt de strijd in het voordeel van Wilson beslist. De Britten keren heelhuids terug in Sambeek. De krijgsgevangenen geven waardevolle informatie over de Duitse posities en majoor Wilson wordt onderscheiden met het Military Cross.

Geraadpleegde bron:

Tot frontgebied verklaard, (2019), Guido Siebers & Geurt Franzen

Bij de foto: Luchtfoto uit de oorlog van de Maasoever tussen Sambeek en Heijen waar Operation Wilforce plaatsvond. Aan de overkant zijn de Duitse loopgraven zichtbaar.