Schietstoel redding voor piloot boven Wanroij

Aflevering 75 van Sprekend Verleden

Burgemeester Cees Smulders van Wanroij stuurt op 4 december 1953 twee nota’s door aan vliegbasis ‘Welschap’ in Eindhoven. Twee landbouwers uit Wanroij, P. Derks en J. Derks, vragen de luchtmacht om te dokken. J. Derks declareert 60 gulden vanwege 50 meter vernielde prikkeldraad, uurloon voor het verwerken van 10 kuub grond en een partij stoppelknollen die niets meer waard is. Die andere Derks heeft voor 200 gulden schade. Ook hij moest stoppelknollen weggooien, 100 meter prikkeldraad vervangen en een stuk bouwland omspitten omdat het door kerosine was vervuild.
Wat was er gebeurd in de Wanroijse Peel?
Op woensdag 18 november had een straaljager de akkers van beide boeren omgeploegd. Het was een Thunderjet van de Koninklijke Luchtmacht die, nadat hij de bodem aanraakte, explodeerde. De piloot, sergeant Jan Beijen (21), bleef ongedeerd. Die had zich met een schietstoel in veiligheid kunnen brengen.
Pas de volgende dag, toen in Wanroij de krant werd gelezen, werd het de inwoners duidelijk dat ze aan een ramp waren ontsnapt.
Twaalf straaljagers waren die middag opgestegen vanaf vliegbasis Welschap. Hadden ze die ochtend dan het weerbericht niet gelezen? Daar stond toch duidelijk dat er plaatselijk mist werd verwacht… Om drie uur lag Oost-Brabant in dikke mist gehuld. ‘Terugkomen!’, zo klonk het over de boordradio. Maar dat was eenvoudiger gezegd dan gedaan. Alleen luitenant Van Dijk slaagde erin om zijn kist in Eindhoven aan de grond te zetten. Zes straaljagers vlogen uit de mistbank en richting Duitsland. Die landden veilig op de Britse bases van Brüggen en Wahn. Sergeant Willems haalde een spektakelstuk uit door in de mist, geheel radar gestuurd, te landen op vliegbasis Volkel. Eén straaljager maakte een buiklanding in Kalkar (D), een andere deed hetzelfde in Venhorst. Sergeant Benninga moest net als Jan Beijen zijn kist met de schietstoel verlaten. Dat toestel stortte neer in Erp. Ze hadden geen andere keuze, hun brandstof was op.
Niemand raakte gewond. Nou ja, niemand… Beijen had een geschaafde knie. De schoolmeester van Wanroij, A.J. Ras, had zich over de in Wanroij neergekomen piloot ontfermd. Na een kop thee en een paar sigaretten was Beijen ‘weldra de zenuwen weer de baas’, zo noteerde De Gelderlander een dag later.
De krant had ook ooggetuigen gesproken. Zoals Antoon van Duijnhoven: ‘Ik hoorde een geweldige klap en zag een steekvlam. Toen dacht ik al dat dat vast geen zuivere koffie was.’
Beijen blijft ondanks de crash een onverschrokken piloot. Twee jaar later, op 1 maart 1955, rent hij met vier makkers van de vliegbasis naar het naastgelegen Beatrixkanaal. Daar is zojuist de Thunderjet van M. Willems in weg gezonken, na een mislukte start. Het ijs houdt Beijen en zijn kameraden niet tegen. Ze springen in het ijskoude water, maar hun hulp komt te laat. Willems is al overleden. De helden krijgen een onderscheiding.
Eind jaren vijftig emigreert Beijen naar Nieuw-Zeeland, trouwt met Marjorie en wordt daar helikopterpiloot voor commerciële vluchten. In juli 1969 is het lot hem minder goed gezind. Tijdens een vlucht boven de Karangarua Valley stort zijn toestel neer. Die crash overleeft hij niet.

Bij de foto’s: Een formatie Thunderjets van de Koninklijke Luchtmacht in de vijftiger jaren. Foto: Nationaal Militair Museum Inzet: Jan Beijen (Foto Americain Den Haag)

Geraadpleegde bronnen:

  • archief gemeentebestuur Wanroij (BHIC)
  • www.nmm.nl
  • De Gelderlander van 19 november 1953
  • Het Vrije Volk van 19 november 1953
  • De Volkskrant van 19 november 1953
  • Trouw van 23 november 1956
  • Kamai Crash, New Zealand’s worst internal air disaster, Richard Waugh (2014)
  • https://www.beijen.net/fambe.htm#JTMMarjorie
  • Met dank aan Laurens Beijen