Haar lippen te rood, haar ongelukkige mond

 

Door GEURT FRANZEN

Eduard von Keyserling (1855-1918) was al vier jaar blind toen hij zijn roman Branding voltooide. Des te opvallender dat zijn roman, in 1911 in Duitsland voor het eerst verschenen en nu pas vertaald, zo rijk is aan visuele beschrijvingen. Het licht, zoals het in allerlei gradaties voorkomt, zeker aan zee waar het verhaal zich afspeelt, en de kleuren domineren op een aangename wijze het boek. Alsof de schrijver zich via de roman een uitweg heeft willen banen uit de zwarte wereld waarin hij vertoefde.

Branding is het verhaal van een vrouw, Doralice, die haar dertig jaar oudere, adellijke echtgenoot heeft verruild voor een eenvoudige kunstschilder. De gegoede Pruisische burgerij ziet met lede ogen aan hoe de in hun ogen femme fatale probeert een fatsoenlijk leven met de schilder op te bouwen.

Dat leventje, in een eenvoudig huisje in een vissersdorp aan de Oostzee, wordt niet wat Doralice had gehoopt. Haar omgeving accepteert haar niet, ze twijfelt aan de oprechtheid van haar liefde voor de schilder Hans, en tot overmaat van ramp wordt een ander, een jonge knaap, verliefd op haar. Ze is ook veel te mooi, Doralice, om gelukkig te mogen zijn. Haar schoonheid is tragisch; haar dunne lippen zijn te rood, schrijft Keyserling, en ze heeft ook nog eens een ongelukkige mond.

Natuurlijk loopt het niet goed af en die tragiek ligt van begin af aan ingesloten in Doralice’s zíjn. Het naturalisme tierde welig rond de eeuwwisseling en ook Keyserling heeft die rol van erfelijke factoren, van het milieu en van de tijdgeest, zwaar aangezet in Branding.

Geen wonder dat Branding direct doet denken aan Keyserlings Nederlandse tijdgenoot Louis Couperus, aan diens romans Eline Vere en Noodlot. Een tikkeltje Couperus dus, maar ook een snufje Heijermans. Want ook Kniertje komt opdraven in Branding. Een donkere, gekromde gestalte op de dijk, speurend naar de vissersboot die maar niet terug wil keren.

Blijft de vraag of anno 1999 iemand nog geďnteresseerd is in de literatuur van honderd jaar geleden. Keyserling blijkt in Duitsland herontdekt te zijn, maar of dat nu reden is om hem nog eens in het Nederlandse taalgebied te introduceren? Het is al moeilijk genoeg onze eigen naturalisten uit die tijd te conserveren. Branding ademt in alles een verleden tijd. Dat verleden is op zich geen probleem, wel de tijdgebonden stijl waarin het verhaal is opgetekend, hoe zintuiglijk ook vormgegeven door de auteur. Enkel literaire fijnproevers zouden Branding met smaak kunnen verorberen. Helaas struikelt de liefhebber over de gebrekkige, archaďsche vertaling – een gemiste kans om het boek veel toegankelijker te maken – en de abominabele manier waarop de tekst is geredigeerd. Dat had Keyserling niet verdiend.Eduard von Keyserling, Branding, Uitgeverij Aspekt, 128 blz, f29,90.

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 


Eduard von Keyserling 

 Branding


Fragment


Eduard von Keyserling