|
Laat papa maar lekker aan het front
MICK JACKSON DE BIJENKONING Door GEURT FRANZEN Er klonk een ijselijke gil uit de gang. Even eerder was er op de deur geklopt en Finn’s moeder had opengedaan. Finn zag een vreemde man in de deuropening staan die zijn moeder stond te wurgen. Maar toen rukte moeder zich los. ‘Je papa is thuis’, zei ze. De jongens in het Zuid-Engelse dorpje hebben het er maar moeilijk mee. Vijf lange oorlogsjaren zijn verstreken. Al die tijd hebben zij in grote vrijheid hun streken kunnen uithalen en met alleen hun moeders als gids en getuige het kronkelige pad naar volwassenheid kunnen verkennen. Ineens staan er vreemde kerels voor de deur, die zich vader noemen en zich overal mee bemoeien. Finn is een van de vijf jongens in De Bijenkoning, de tweede roman van Mick Jackson. Diens eerste, De Tunnelman, gooide na verschijnen hoge ogen voor de Bookerprize. Dat zal met De Bijenkoning wel niet gebeuren. Het is een prachtig verhaal, daar niet van. Jackson draait een korrelige, bibberige film af uit de oorlogsjaren dat een eerlijk en amusant beeld geeft van het leven in een manloos dorpje in Devon. Dad’s Army, maar dan zonder dad. Het boek heeft echter één tekortkoming: Jackson componeerde eigenlijk twee verhalen die naadloos in elkaar overlopen. Maar het is frustrerend te ervaren dat de hoofdpersoon uit deel één, een Londens jongetje dat in het dorpje als evacué wordt ondergebracht, plotseling uit beeld verdwijnt en plaats moet maken voor een vreemde imker. Dat tweede verhaal, waarin vijf dorpsjongens volledig in de ban raken van die bijenman, is zwakker dan het eerste. Het is minder geloofwaardig en de figuur van de bijenkoning blijft te veel in nevelen gehuld. Dat hij door de jongens als een vervangende vaderfiguur wordt beschouwd is nog te begrijpen. Maar waar het zijn afkomst en het waarom van zijn gedrag betreft, blijven veel vragen onbeantwoord. Er valt desondanks met volle teugen te genieten van De Bijenkoning. De belevenissen van de vrouwen in het dorp, de kinderen en de enkele excentrieke man die een gang naar het front bespaard is gebleven, zijn fabuleus beschreven. Hilarische scènes, waarin kwajongens een oude kapitein van spionage verdenken omdat hij met een verrekijker de omgeving afspeurt. Terwijl in werkelijkheid zijn verrekijker elke dinsdagavond op de ramen van het dorpshuis worden gericht omdat daar het wekelijkse gymavondje van de dames van het dorp plaatsvindt. Of wat te denken van de vreemde in witte lappen gehulde figuur die ’s nachts door de Dorpsstraat banjert. Een mummie uit Egypte, denkt een van de dorpsbewoners, maar het is de dominee, op weg naar een bijenkast om zich eens lekker te laten prikken. Schijnt heilzaam te zijn tegen de reuma. Mick Jackson, De Bijenkoning, Uitgeverij Anthos, 227 blz, 20 euro.
|
Mick Jackson De bijenkoning
Fragment
Mick Jackson
|