Weerszijden het hek van Auschwitz

 

john boyne de jongen in de gestreepte pyjama

 

Door GEURT FRANZEN

Er staan wat sterke staaltjes in De jongen in de gestreepte pyjama, maar als je die voor lief neemt, is het een indrukwekkend en knap geschreven boek. Bij vlagen zelfs aangrijpend en gevoelig, zonder sentimenteel te worden. De thematiek heeft alles in zich om sentimenteel over te doen: de vriendschap tussen twee jongetjes van negen. De één is zoon van de kampcommandant van Auschwitz, de ander is Joods en staat aan de andere kant van het hek. Maar schrijver John Boyne (Ierland, 1971) weet valse sentimenten te vermijden door het perspectief te kiezen van een van de jongetjes zelf, Bruno, de zoon van de commandant. Bruno heeft weinig sjoege van datgene wat er om hem heen gebeurt; zijn blik op de wereld is naïef want die van een kind. Hoewel hij er heel soms blijk van geeft, maar het kan ook een goed ontwikkelde intuïtie zijn, wel te weten wanneer hij dingen beter niet tegen zijn vader kan zeggen. Zoals dat hij vriendschap heeft gesloten met Shmuel, de jongen in het blauwgestreepte kampuniform. Die onbevangen vertelwijze leidt ertoe dat de volwassen lezer heel goed doorheeft wat er allemaal gebeurt in en rondom de woning van de kampcommandant, terwijl Bruno er maar naar raden moet. Het feit dat een jonge officier ’s avonds laat nóg en ’s ochtend vroeg ál in huis is gedurende de paar dagen dat de commandant in Berlijn vertoeft, niet in verband brengt met de vleselijke behoeften van  de eenzame vrouw des huizes.

Sterke staaltjes: dat de jongens op dezelfde dag zijn geboren, dat een jongetje zomaar door het prikkeldraad van een concentratiekamp kan kruipen en zich vervolgens onopgemerkt tussen de kampgevangenen kan begeven.

Meest indrukwekkende scène, prachtig geschreven ook, is die waarop de twee jongens, elk aan hun kant van het hek, staan te vertellen hoe ze allebei in Auschwitz zijn gekomen. De parallellen tussen hun beider vertrek en reis zijn zo mogelijk nog schrijnender dan de verschillen. Een voorbeeld: “De trein was verschrikkelijk,” zegt Shmuel. “We zaten met veel te veel mensen in de wagons.” Waarop Bruno zegt dat ze in die andere trein hadden moeten stappen, die luxe waarin hij en zijn familie hadden gezeten. Daar zaten deuren en ramen in.

Boyne heeft de filmrechten voor zijn knappe roman al verkocht en dat verbaast niet. De jongen  in  de gestreepte pyjama heeft alles in zich om een bioscoopsucces te worden. Maar de filmmaker zal er een harde kluif aan hebben om de film beter te laten zijn dan het boek.

John Boyne, De jongen  in de gestreepte pyjama, vertaald door Jenny de Jonge, Arena, 205 blz, € 15,95.

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 


John Boyne

 De jongen in de gestreepte pyjama


Fragment


John Boyne